Hel. Dat was het.
Naast mij staan Terra en Maila samenwerkend de golven te trotseren op de catamaran. We zijn op de terugweg. Ik zit op een bankje, compleet verkrampt en vast geplakt aan de reling. Ergens vaag hoor ik Maila tegen Terra roepen: “Mama is alweer aan het kotsen!” “Oké!!” antwoord Terra. “Pas op, er komt weer een golf aan, dus door je benen zakken!” Zij vermaken zich kostelijk. Ik ook zoiets, maar dan twee letters omgedraaid. Het zevende kotszakje wordt me aangeboden door de ‘safety crew’, wat ik gretig beet pak om het weinige wat nog in me zit er ook uit te gooien. Hoe had ik dit bedacht?
Het idee was leuk. Eindelijk een activiteit dat we met z’n allen konden doen, aangezien ze rolstoeltoegankelijke boten hebben. Walvissen spotten stond op de agenda, bij Kaikoura aan de oostkust. Het hele jaar door kun je, in de wateren van dit prachtige stuk van de aarde, deze grote zeewezens ontmoeten. Onderweg pik je nog wat albatrossen mee, wat zeehonden en als je geluk hebt enkele dolfijnen.
“Het is een rustige zee, ongeveer golven van twee meter,” werd er medegedeeld door de dame achter de incheckbalie. “Als je snel misselijk wordt, moet je zeker wat innemen en achterin de boot gaan zitten, daar zit je het best.” Ik antwoordde wijs dat ik alleen misselijk word als de boot stil ligt en heen en weer dobbert op de golven. Het duurde slechts 15 minuten en ik zag al groen. Wat bezielt zo’n schipper ook? Met 70 km/uur over de oceaan racen, zigzaggend alsof het een slalom-skipiste betrof. Waarom zigzaggend?
Na een half uur werd er een walvis gespot en stopte de boot. Ik was inmiddels toe aan mijn derde zakje, kon nauwelijks lopen of ik voelde weer een golf opkomen. Terwijl alle mensen aan één kant van de catamaran gingen staan en driftig foto’s maakten, zat ik op het achterdek op het bankje met maar één gedachte: “Wanneer houd dit op? Wanneer gaan we terug?” Alles kon me gestolen worden, inclusief walvissen. Foto’s maken was onmogelijk. Ik wilde alleen maar van die boot af, maar wist dat het nog 1,5 uur zou duren. De schipper draaide de boot om, zodat Ruud het spektakel ook kon zien (erg aardig van deze bootsman), aangezien hij op z’n krukken niet de boot kon rondhuppen. Nadat de walvis weer onder water was gedoken (ze kunnen soms wel twee uur onder water blijven op één ademteug), racete en slalomde de boot weer verder. Dit tafereel herhaalde zich nog een keer. En nog een keer. Af en toe kreeg ik een golf water over me heen, waardoor ik ook nog zeiknat en koud werd. Het was hel. Bij de laatste stop zagen we wel 50 dolfijnen uit het water springen. Sommigen in het klassieke ‘spring bochtje’, anderen sprongen rechtop het water uit en lieten zich weer vallen, of sprongen over elkaar heen. Het lukte me nog enigszins om dit te aanschouwen, soms brakend en kijkend tegelijk. Voor de meesten was dit prachtig en de ervaring van hun leven. Een prachtige blauwe lucht, geen wolkje te bekennen, zonnig, 16 graden, bergen op de achtergrond en twee verschillende soorten scholen dolfijnen die door elkaar heen zwemmen, wat overigens niet vaak voorkomt volgens de ervaren crew. Terra, Maila en Ruud hadden het helemaal prima en waren volop aan het genieten.
Vroeger, op de grote koopvaardijschepen, sprongen mensen soms overboord en verdronken, omdat ze zo zeeziek waren dat ze nog maar één ding wilden: verlost worden van dat gevoel. Nou spring ik niet van boord, die tegenwoordigheid van geest heb ik dan nog net, maar ernstige zeeziekte maakt je letterlijk gek. Je kunt aan niets anders meer denken en het hele lichaam staat op standje overleven. Nu, een dag later, heb ik flinke spierpijn van twee uur maximaal aangespannen arm-, been- en schouderspieren. Dat zegt iets over hoe het lichaam met zo’n situatie omgaat. Ik was aan het einde van de boottocht aan het trillen, had het verschrikkelijk koud, ik was slap, kon nauwelijks lopen of praten en was verdoofd. De reisziekte pilletjes schoten dit keer ernstig tekort.
Gelukkig was de rest van de familie in een opperbeste toestand en sleurden mij de kant op. Na een uur was ik weer in staat om terug te rijden naar ons huisje.
Overigens begrijp ik net van Ruud dat ze moesten zigzaggen om albatrossen, zeehonden en zeewier te ontwijken die in het water liggen. Wist ik veel. Ik zat de schipper meermaals te vervloeken om zijn idiote slalompraktijken.
Afijn, voor hen was het prachtig. Ik blijf voortaan thuis.
Vandaag heb ik het goed gemaakt met een aardse wandeling over de Kaikoura Peninsula Walkway, samen met Maila.


Deze hele bootervaring stond voor mij in schril contrast met ons verblijf in Geraldine.
“Oh, wat leuk, zijn jullie in Nepal geweest?” vroeg Sally, terwijl we door hun weelderige moestuin liepen.
“Al twee keer,” zei Terra en ze somde op waar we geweest zijn. Ik keek naar een tomatenstruik die uit de composthoop groeide en vroeg me af of dit weer zo’n standaard waar-zijn-jullie-allemaal- geweest praatje zou worden. Sally had veel rimpels viel me op. Haar lichaam was nog kwiek en ze had pretoogjes, die af en toe bijval kregen door een bijna kinderlijk gegiebel, waardoor haar grijze halflange haren mee wiebelden. Hun zwarte hond Koa, rende door de tuin om ons te begroeten. “Dit is Koa. Ze houdt vreselijk veel van geaaid worden en is bang voor de kippen en de koeien,” vertelde Sally. “Ze is eigenlijk een bange scheiterd, een beetje een idiote hond, nietwaar Drew?” Haar man kwam aangelopen. Een vriendelijke, lange man, ook in zijn zeventiger jaren en een ietwat verstrooide uitstraling.
Een uur later zitten we nog steeds te praten, ondertussen bij de wei van de koeien, waar Sally achteloos vertelt dat ze destijds, in Nepal, met Sir Edmund Hillary is opgetrokken. Mijn oren zijn gespitst. Dé Hillary? Ja. Met Hillary, de man die als eerste de Mount Everest heeft beklommen in 1953. Ook zijn sherpa Tenzing Norgay en zijn familie kent ze. Zelf was ze de eerste vrouw die meeging naar het basiskamp van de Annapurna, ook een 8000-er, omdat haar vriend naar de top zou gaan. Met wat aan elkaar genaaide warme dekens, een wappertent en dikke truien was ze afgereisd naar Nepal, in 1969. Ze had gewoon ja gezegd op een aanbod om mee te gaan, zonder te weten waar ze eigenlijk aan begon.
En dit was nog maar één verhaal en alleen dat van haar. In de dagen die volgden kregen we een indruk van het verleden van deze warme, lieve mensen. Drew was ooit geoloog en heeft jaren op Antarctica gewerkt, om onderzoek te doen. Heeft de laatste sledehonden, die werkzaam waren op de Zuidpool, naar huis gebracht op zijn afsluitende missie en is daarna docent geworden op een school in Geraldine. Zij daarentegen heeft 12 jaar in een houten huisje, diep in de besneeuwde bergen van Alaska gewoond, waar ze drie kinderen heeft gekregen. “Het was een uur skiën, dan kwamen we bij de weg waar onze auto stond. Die moesten we dan uitgraven uit de sneeuw. Dan de accu aankoppelen. Dan twee uur rijden naar een treinstation. Dan nog drie uur met de trein. Daar dan overnachten in een verlaten hut, om de volgende dag nog een uur te skiën, om uiteindelijk bij onze buren aan te komen.”
Het duurde even voordat het volledig doordrong. Mijn god, deze vrouw heeft in een klein, houten huisje in een uithoek van de aarde gewoond, in een onbereikbaar gebied, in dermate koude omstandigheden waar bijna niemand voor kiest. Dat verklaarde haar rimpels. Het barre klimaat van Alaska was in haar huid gegraveerd.
Wij sliepen ook in een kleine cottage, maar dan warm, gezellig en knus ingericht, ergens in hun grote, bloeiende tuin. Een paar dagen even niksen, daar lag de behoefte. De dagen ervoor, in Queenstown en Wanaka, hadden een actiever karakter.



Dus: een wandelingetje in het Peel Forest (waar een scène van Lord of the Rings is opgenomen), een kopje thee drinken in het dorpje Geraldine, op de kop in je bed liggen met de e-reader om een spannend boek uit te lezen, een beetje struinen over het erf, hondje aaien, schoolwerk maken en veel kletsen met Sally en Drew.


Hoe meer ik met haar optrok, hoe meer ik besefte dat we een beetje uit hetzelfde hout gesneden zijn. Allebei een Pippi Langkous mentaliteit (“Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan”), allebei onszelf naïef in avonturen gestort (bijvoorbeeld op mijn negentiende alleen naar Brazilië reizen, verdwalen in hartje Rio de Janeiro om 23:30 uur ’s avonds terwijl ik de naam was vergeten van mijn slaapplek), mensen direct vertrouwen en een open hart hebben naar iedereen (met als gevolg vele mooie ontmoetingen, maar ook grensoverschrijdende en nare ontmoetingen) en misschien wel de allergrootste vergelijking: we hebben allebei zoveel verhalen te vertellen doordat we zoveel hebben meegemaakt, dat het bijna klinkt alsof het meerdere levens zijn.

Soms kom je iemand tegen in je leven waar je, zonder woorden, een zielsverbinding mee hebt. Een diepe herkenning, op een laag waar geen woorden zijn. Drie dagen waren te kort. Waarschijnlijk waren drie maanden ook te kort geweest. Ik moest dan ook een traantje wegpinken bij het afscheid.
De meiden en Ruud voelden zich er ook erg thuis. Terra heeft zelfs al een afspraak met Sally en Drew om terug te komen als ze 19 is en gaat reizen. Ze wil misschien ook op uitwisseling naar Brazilië en bij vrienden van mij wonen. Mevrouw heeft daarnaast nog een afspraak met een Australische vriendin om samen rond te reizen, net als een Nederlandse vriendin meenemen naar Nepal.
Zuid Korea staat daarentegen hoog op de lijst van Maila.
Ik ben benieuwd waar onze dames later terecht komen in de wereld. Alles juich ik toe, Ruud en ik komen ze overal opzoeken.
Nou ja, overal. Ergens op een oceaan sla ik de komende tien jaar even over.
Wat n mooie ontmoeting met bijzondere mensen. En heerlijk dat jouw meiden ook in hun eigen stijl door dromen. Geniet! Benieuwd naar waar jullie nog naar op weg gaan
LikeLike
Helaas herken ik je verhaal over zeeziekte iets te veel 🙈
Eric heeft het ook meegemaakt. Dat gun je niemand.
katamara – kaat-d’r-maar-an-(st)an.. (zoals Ronald Goedemond dat zo mooi kan zeggen 😉 )
Jullie hebben in een paar maanden weer een paar jaar aan ervaringen op gedaan. Maila is opeens blond geworden. En het is 2x knipperen met je ogen en dan is Terra écht 19…
Daarom is deze tijd met z’n viertjes extra bijzonder.
Geniet ervan, bedankt voor de inspiratie.
Liefs Eric en Judith
LikeLike